Waar ik blij van word……

Ik word blij van gierzwaluwen. Vorige week hoorde ik voor het eerst dit jaar hun schreeuwende roep in de lucht boven me. En ja, dat doet me wat. Het heeft alles te maken met een mooie jeugdherinnering, iets van decennia geleden. Een van de weinige mooie jeugdherinneringen eigenlijk, dus ik koester het….

….ik was op vakantie in Avignon in de Provence. Alleen. Ik stond daar op een camping aan de rivier met uitzicht op de oude stad en ik herinner me nog goed hoe de lucht boven de stad letterlijk zwart kleurde van de gierzwaluwen. Ze broedden in het Palais des Papes, een oud en middeleeuws kasteelachtig gebouw waar eens pausen resideerden, met een overdaad aan nestgelegenheid op en in de muren en in de torentjes en trappenhuizen en rond de binnenplaatsen.
Ik vond het prachtig: de helle zon, de warmte en dan die vogels daar in de lucht met hun schrille roep; donkere silhouetten met karakteristieke, sikkelvormige vleugels, constant in beweging.

Overigens is het klimaat daar in de Provence vermoedelijk perfect voor gierzwaluwen, met veel zon en een ruim aanbod aan insecten om hun jongen te voeren. Beter dan in Nederland waarschijnlijk, met die soms natte en koele zomers.

Gierzwaluwen zijn hier maar drie maanden van het jaar. Aan het eind van de zomer vertrekt de ‘honderd-dagen-vogel’ weer naar het zuiden, richting zijn overwinteringsgebied in Midden-Afrika.
En moet ik het doen met die jeugdherinnering alleen, die droom van zon en warmte en die vogels boven dat kasteel, zwaaiend en zwierend, jagend op voedsel, schreeuwend naar elkaar, volkomen in hun element, letterlijk zo vrij als een vogel in de lucht.


En ik sta, gebonden aan de grond en kijk omhoog….


Bestaat de hel?

Bestaat de hel? Wat een vraag!! Is dit geen veel te zwaar onderwerp voor een blog?? Wil iemand dit überhaupt wel weten??

Wel, voor mij is dit in ieder geval een vraag die mij al een flink deel van mijn leven bezig houdt. Is er echt een plaats van ‘ wening en knersing der tanden’ zoals de bijbel in de oude vertaling het noemt?

Ik zit daarmee, want ik bang. Als kind van de Biblebelt zit de angst voor die plek er diep in bij mij. En ik word steeds ouder, het moment van mijn dood komt steeds dichterbij – en dan??
Daar kun je als mens behoorlijk over piekeren en ’s nachts wakker van liggen.

Op een website van de EO vindt ik informatie over dit onderwerp. Volgens de theoloog Reinier Sonneveld heeft Jezus nooit zo expliciet over de hel gesproken als soms gesuggereerd wordt.

Oh nee?? En hoe zit het dan met de gelijkenis van de rijke man en de arme Lazarus in Lukas 16?? Volgens dit verhaal wordt de rijke na zijn dood gemarteld in de hel waar hij pijn lijdt in de vlammen en ondraaglijk dorst heeft, een dorst die op geen enkele wijze gelest kan worden. Over expliciet gesproken!

Op de zelfde website vind ik wijze woorden van een drietal predikanten. Dominee Paul Visser waarschuwt voor het te pas en te onpas spreken over de hel. Tegelijkertijd mag je de realiteit ervan niet negeren, zegt hij, want dan wordt het evangelie zouteloos en krachteloos. En, heel belangrijk, Jezus was in de hel toen hij van God verlaten aan het kruis hing.

Tot zover de EO. De ziel van een mens is eeuwig, zegt men en daarom is een verblijf in de hel voor de onberouwvolle zondaars ook eeuwig. Maar daar staat je verstand bij stil! Voor eeuwig ongelukkig? Mag het misschien een beetje minder?

De dagelijkse meditatie op de bijbelapp die ik volg, ging vandaag over de gelijkenis die Jezus vertelde over onkruid tussen het koren. Het koren zijn de kinderen van God, het onkruid zijn de ongelovigen. Met die laatsten loopt het heel slecht af:

‘Zoals dan het onkruid verzameld en met vuur verbrand wordt, zo zal het ook zijn bij de voleinding van deze wereld: de Zoon des mensen zal Zijn engelen uitzenden, en zij zullen uit Zijn Koninkrijk verzamelen alle struikelblokken, en hen die de wetteloosheid doen, en zij zullen hen in de vurige oven werpen; daar zal gejammer zijn en tandengeknars.

Dat liegt er niet om! Voor eeuwig branden in een oven als eindbestemming van een mens….

Zomaar wat gedachten over dit moeilijke onderwerp van deze blogger. Een beetje warrig misschien, vergeef me. En dát op een stralende, zonovergoten zaterdag….
Ben ik weer terug bij die vraag boven dit stukje: Bestaat de hel??


Een crematie op een zonnige zaterdag

Vrouw en ik moesten gisteren naar Haarlem voor de crematie van een tante van echtgenote, een vrouw die vóór haar overlijden al lange tijd zeer dement was.

De zon scheen toen we op de plek des onheils aankwamen. Ik hoorde de zang van een vink en in één van de pijnbomen naast de parkeerplaats zag ik een reigernest. De natuur trekt zich net als de meeste mensen niets aan van de dood. Terwijl we toch allemaal, vroeg of laat, een keer aan de beurt zijn!

We schoven aan in een bank in de aula. De zaal vulde zich met muziek, Charles Aznavour zong ‘Yesterday when I was young’. Op de voorste rij de kinderen en kleinkinderen. Betraande gezichten, armen om schouders, een gespannen sfeer.

Meer muziek volgde, meer chansons en een gouwe ouwe van Vera Lynn. Twee toespraken waarin uiteraard de persoon en haar leven centraal stonden. De mooie dingen werden gememoreerd, de minder mooie weggelaten. Over de doden niets dan goeds.

De uitvaartleider sloot af met een gedichtje en enkele welgekozen woorden. Voor haar was dit routine, een verdienmodel, een dagelijks meermalen terugkerend iets. Als de kist straks in de oven verdwijnt, zijn de overledene en de nabestaanden voor haar voltooid verleden, want na ons dient zich misschien de volgende klant alweer aan…

Wij vertrokken naar het buitenterras waar koffie en broodjes wachtten. De dode bleef achter in haar kist, helemaal alleen. Maar eigenlijk is dat onzin, want een stoffelijk overschot is niet de dode zelf, maar alleen haar dode lichaam. De ziel is eruit, de persoon is vertrokken, datgene wat de dode uniek maakte, is allang verdwenen, vertrokken naar een hiernamaals – of niet.

En wij bewenen een lijk, een nagedachtenis, een herinnering. We rouwen om onszelf, om de leegte in ons hart.
En we voelen het moment dat we zelf in die kist zullen liggen, iets dichterbij komen, met elke rouwdienst die we meemaken.

Prikkelende kerkdienst

Na een kerkdienst van pakweg een uur heb ik alweer genoeg prikkels gehad voor de hele (zon)dag.

Ik zit daar in die kerk tussen de mensen, iets dat sowieso altijd een stuk spanning oproept bij mij. Is het mijn autisme of is het eerder mensenschuwheid? Hoe dan ook, ik vermijd altijd consequent plekken waar mensen zich als roedels wolven vergaderen, maar de zondagse eredienst dwingt me juist om één keer per week zo’n plek op te zoeken!

Er is veel geroezemoes voorafgaand aan de dienst. En het orgel speelt, vaak op luide toon, met dreunende bassen soms, afgewisseld met hoge, schelle tonen.

Daarna is er de kerkdienst met een afwisseling van gezongen liederen, Schriftlezingen en een overdenking van de predikant. Veel veranderingen binnen korte tijd, veel schakelen van het een naar het ander.
Ik voel me ‘vreemd’ tijdens de dienst, misplaatst, rusteloos vaak, soms bijna in paniek. Een vreemde eend in de bijt, een marsmannetje tussen aardbewoners. Het ‘Amen’ van de dominee is dan een opluchting: ik mag terug naar huis, naar mijn eigen veilige plek.

De inhoud van de preek ben ik meestal zo weer kwijt, maar dat hebben ook niet-autisten weleens…. 🙂 . Ik neem me vaak voor om de dienst via kerkomroep thuis nog een keer na te luisteren, maar meestal komt het daar niet van.

Is er een hemel speciaal voor autisten??

Dodenherdenking in oorlogstijd

Als we vanavond om acht uur de doden herdenken, doen we dat in oorlogstijd. Want toen Rusland Oekraïne binnenviel, eindigde de vrede in Europa. Het is momenteel East versus West: een krachtmeting tussen democratie en autocratie, tussen geweld en dialoog. De Verenigde Staten en West-Europa enerzijds en Rusland en China anderzijds.
Want China is net zo’n autocratisch land als Rusland en staat net zo vijandig tegenover westerse waarden als Poetin c.s.

En Nederland doet mee aan deze oorlog middels wapenleveranties aan Oekraïne. De pantserhouwitsers die ons land levert zullen straks wellicht Russische tanks en mensenlevens vernietigen.

Ik hoop van harte dat er bij de dodenherdenking vanavond op de Dam ook aandacht zal zijn voor de Oekraïense doden. En dat de blauw-witte vlag van Oekraïne naast die van Nederland hangt.
Op de foto hierboven wappert hij van de spits van een kerktoren. Dat is best een mooi beeld: de kerk die de agressie van Poetin op deze manier veroordeelt. Die stelling neemt en niet afzijdig blijft. Met gelovigen die bidden voor vrede en die vluchtelingen desgevraagd opvangen.

Ik bid trouwens vooral voor een overwinning van het Oekraïense leger. Want dit geweld kan alleen met tegengeweld gestopt worden, net als in de Tweede Wereldoorlog. En het Oekraïense leger voert net als de geallieerden in W.O II een Rechtvaardige Oorlog zoals gedefinieerd in het Volkenrecht. Een oorlog uit zelfverdediging en daar mag je dan als christen best voor bidden.


Het was overigens een christelijke theoloog, Thomas van Aquino, die het begrip ‘Rechtvaardige oorlog‘ voor het eerst muntte. En daarmee aangaf dat een christen niet per definitie tegen geweld is. Want soms is er geen alternatief. Net als in de Tweede Wereldoorlog.

Puttertjes in de buurt

Ik hoorde vanochtend puttertjes overvliegen. Hoorde, want ik herken ze meestal alleen aan de hoge en wat ijle geluidjes die deze distelvinken (zoals ze ook heten) maken. Want ze zijn te klein en te beweeglijk om ze op het zicht te benoemen. En je hebt geen tijd om een verrekijker op ze te richten, mocht je die bij je hebben – ze zijn té snel weer weg.

Op het filmpje hieronder kun je de geluiden die ze maken goed horen. Het is een mooi vogeltje trouwens, zo klein als-ie is. Zó mooi dat het altijd een geliefde kooi-en volierevogel is geweest. Op het bekende schilderij van Carel Fabritius, Het Puttertje, is te zien hoe dat vroeger in zijn werk ging: een vogeltje dat met een ketting om zijn poot vastzit aan zijn zitstok. Het schilderij hangt in het Mauritshuis in Den Haag.

Zondagochtendblues

Een leeg, onvoldaan gevoel, gemengd met enige somberheid. Ik heb het vaak op zondagochtend. Alsof ik de vrijheid van deze dag niet aankan, alsof ik arbeid nodig heb, een doel, om me goed te kunnen voelen.

Ik heb dat niet op zaterdag, toch ook een vrije dag. Maar dan heb ik vrijwel altijd doelen – in de tuin werken, bloggen, eropuit gaan…..en misschien is het wel de opeenvolging van twee vrije dagen die op de tweede dag voor leegte zorgt?? Twee is teveel, misschien. God de Schepper gaf de mens één vrije dag, niet meer, maar wij hebben daar heel eigenwijs een weekend van gemaakt.

Gelukkig kan ik erover bloggen en op die manier dit gevoel delen. En ook een liedje dat raakt aan dit onderwerp kan troost bieden. Zoals Sunday Morning Coming down van Kris Kristofferson, hieronder op video in een mooie liveopname met collega-muzikanten.

Ik wens elke lezer van dit stukje een goede zondag!