Vijf dingen die ik voor mijn plezier doe

NOEM VIJF DINGEN DIE JE VOOR JE PLEZIER DOET, lees ik ergens op het dashboard van mijn blog. Een uitnodiging voor een post, begrijp ik. Inspiratie voor als je verder niks weet te schrijven.

Ok, eh…..

een vers gezette bak koffie, een koud biertje, een lekkere pizza, een sandwich met allerlei soorten beleg….of bedoelde u dat niet??

Even serieus….groenten of fruit oogsten uit mijn tuintje noem ik als eerste. Het werk dat voorafgaat aan het oogsten – zaaien, bewateren, wieden, snoeien – bevredigt ook wel, maar gaat vaak gepaard met inspanning, frustratie en teleurstelling. Want de Paradijsvloek (in het zweet zul je de aarde bewerken en het aardrijk zal doorns en distels voortbrengen) is helaas ook van toepassing op hobbymatige handelingen, zoals een groentetuintje bewerken. Maar het genot van enkele zelf gekweekte stoofperen in je hand houden is met weinig te vergelijken. Wat een plezier!

Nummer twee: kijken naar een documentaire op tv over een historische gebeurtenis of -persoon. Werken in de tuin is actief, dit is passief. Maar ik doe het met veel genoegen. Het verleden leeft voor mij. Historische binnensteden vertellen een verhaal, de Deltawerken vloeien voort uit de Watersnoodramp van 1952, de kanonnen op de dijk hier in mijn woonplaats aan zee herinneren aan de zeeslag die voor de kust van Ter Heijde plaatsvond, zo’n 300 jaar geleden.

Wandelen in een mooi loofbos zet ik op drie in dit lijstje. We waren op de Veluwe in de kerstvakantie. In de Kroondomeinen liep ik over oude beukenlanen en door eikenbos. Ik voel me daar op een bepaalde manier thuis. Zou er graag diep in het bos een hut willen bouwen. Om ’s ochtends wakker gemaakt te worden door vogelzang. Of een kudde edelherten voor je deur. Geen mensen, alleen dieren. Voor een poosje.

Mijn Spotifylijst van favoriete liedjes afluisteren terwijl ik met een eenvoudig klusje bezig ben, is nummer vier. Americana/New Country/Alt Country/Blues/een beetje gospelmuziek…dan wordt klussen bijna een genoegen. Bijna dan, want ik heb twee linkerhanden voor wat betreft klussen in huis 😦

Over de laatste in de lijst moet ik even nadenken. Ik ben eigenlijk helemaal geen mens voor lijstjes en opsommingen. Ik kreeg vanochtend bij de fysio een lijstje met oefeningen voor thuis, maar ik ben sommige nu alweer kwijt….

Lezen doe ik ook met plezier, maar dat is net zo passief als een documentaire kijken. Ik kies daarom voor iets heel anders, iets wat een beetje in het verlengde van nummer een ligt trouwens: een verwaarloosde tuin of verwaarloosd stuk plantsoen opknappen. Helemaal mijn ding! Lekker beulen, jezelf in het zweet werken, een grote schoonmaak buiten. En dan dat groen onder je handen zien opknappen. Heel plezant. Fitness in de open lucht, sportschool is niet meer nodig. En die paradijsvloek van hierboven verliest dan voor even zijn kracht…

(n.b. bloggen doe ik soms wel, soms niet voor mijn plezier. Soms komen de woorden vanzelf en soms helemaal niet. Vandaar dat deze activiteit ontbreekt in bovenstaand lijstje.)

Zeearend op de heide…

Zeearend. Foto: Hans Dekker, Dagblad van het Noorden.

We hadden tijdens onze (kerst)vakantie op de Veluwe een wildspeurtocht geboekt via de VVV van Epe. Donderdagmiddag om half drie moesten we present zijn we op een parkeerplaats aan de rand van de Kroondomeinen. Toen de gids in zijn Suzuki Jimny 4×4 ter plekke arriveerde, verzamelden we ons rond zijn auto om daar op een paar laatkomers te wachten.

Vanaf de heide aan de overkant van de weg zag ik een vogel in onze richting komen vliegen. Hij zag eruit als een buizerd. Ik attendeerde de gids op de vogel, die na een snelle blik omhoog constateerde dat het een zeearend was….

Een zeearend! Op de hei! Hoe bijzonder is dat! En hoe veelbelovend is het dat je, voorafgaand aan een wildspeurtocht, zoiets ziet. Laat die edelherten en wilde zwijnen maar komen nu. Om nog maar te zwijgen over de wolven, want die zitten hier ook.

Maar nee…

de keiharde,
onverbiddelijke,
law-of-the-jungle-like regel van het leven,
zegt nu eenmaal dat het nooit gaat zoals je verwacht.
Oftewel, in goed Nederlands: expect the unexpected.

Want de edelherten, zwijnen, wolven en andere dieren schrokken blijkbaar zo van onze aanblik dat ze wegkropen in hun dekking en voor ons onzichtbaar bleven. En zo sjokten we met een man of twintig voort langs verregende bospercelen, terwijl de gids ons wees op een wildwissel, een boompje waaraan een hert zich had geschuurd, een vossendrol op het pad en een veldje waar in de nachtelijke uren het wild zich te goed komt doen aan gras.

Wij bleven intussen om ons kijken gedurende de wandeling van pakweg twee uur, maar de dieren vertoonde zich niet. Het begon weer te regenen en ik kreeg het koud. We naderden ons vertrekpunt en de gids excuseerde zich voor de feitelijke mislukking van de tocht. We namen afscheid van de man en vertrokken in onze auto’s richting huis. Die zeearend hadden we binnen, maar de andere levende have moest wachten op een volgende vakantie… 😦

Onze gids met een andere groep op pad. Foto: VVV Epe.

Een opgewekt liedje (voor een regendag)

For the Birds van Aaron Raitiere is een opgewekt liedje over vogels, bomen, zon, wind, mooie meisjes, ijskoud bier en countrymuziek.

Echt iets voor zo’n verzopen dag als vandaag dus….

En het blijft ook echt de hele dag onafgebroken regenen volgens buienradar. En vrouwlief is het hele weekend weg met de auto, dus ik ben aan huis gebonden, ook dat nog.

En de zaterdagkrant is weer niet gekomen, ook dat nog…. 😦

Dus dat wordt boeken lezen, puzzelen en bloggen vandaag. En naar vrolijke muziek luisteren, zoals For the Birds van Aaron Raitiere 🙂

Een laatste herinnering…..

De dop van een champagnefles ligt op de oprit van een woning, als een laatste herinnering aan de kerstvakantie en aan de overgang van 2022 naar een nieuw jaar. Ik zag hem liggen tijdens mijn werk in de wijk Duingeest in Monster (ZH), de laatste uitbreiding van dit dorp aan de rand van het Westland.

De huizen in deze nieuwe wijk zijn groot en volgens mij ook alleen betaalbaar voor mensen met een groot inkomen. Jan de Arbeider heeft hier weinig te zoeken, of het moest voor werk zijn, zoals ik….

Duingeest oogt zeker in de ochtenduren als een slaapwijk waar weinig gebeurd. Het enige wat af en toe de stilte verstoort is het zoemende geluid van de elektromotor van een Tesla of andere EV, want dat soort auto’s zijn hier oververtegenwoordigd. Verder zie ik het boodschappenwagentje van Picnic voorbijkomen, een man die zijn 🐕 uitlaat en een camera-auto van Google Maps die rondjes rijdt om de omgeving te scannen – veel meer gebeurt er niet.

In de tuinen zie ik onderhoudsarm kunstgras, veel grind en steigerhouten staketsels die volgens mij een associatie moeten oproepen aan het nabijgelegen strand en de duinen. Waardoor er tenminste nog iets is waarmee de bewoners van deze woonplek anno 2023 zich verbinden, zo niet aan de mensen dan toch aan de locatie.

Want als iedereen werkt en afwezig is, druk druk druk, is de band tussen de mensen onderling los, als duinzand dat tussen je vingers doorloopt. Daar helpt champagne buiten op straat ook niet veel aan. Want na ‘de beste wensen’ gaat iedereen weer naar binnen, de warmte in en blijft alles hetzelfde.

California Dreamin’

In deze tijd van het jaar,
midwinter of zoiets,
de lente nog heel ver weg,
korte dagen met een krachteloos zonnetje,
een gure wind hier aan de kust en de bomen helemaal kaal –

verlang ik naar warmere streken,
bloeiende bougainvillea’s,
zwoele zuidenwinden,
een zandstrand,
heel veel zon.

En California Dreamin’ van The Mama’s and the Papa’s is dan zo’n liedje wat daar goed bij past, wat mijn verlangen goed vertolkt.
Hieronder te beluisteren in een wat andere uitvoering: een solo-vertolking door de zanger van The Mama’s and the Papa’s, John Phillips, tevens een van de schrijvers van het liedje. Wel zo mooi eigenlijk, deze uitvoering. Vandaar.

Dagje Dordt

De Grote Kerk van Dordrecht met overvliegende duiven

Ik ben deze week nog vrij van werk en plicht. Dat lijkt mooi, maar als het buiten alleen maar regent en stormachtig waait, zit je toch een beetje met je ziel onder je arm binnen in je leunstoel.

Want de hele dag alleen maar lezen gaat niet en je hebt ook niet altijd inspiratie voor een blogpost. En ik heb alle nieuwe afleveringen van ‘Rail Away’ al gezien en verder is er geen bal op de tv.

Maar vandaag belooft het droog te blijven en gaan we een dagje naar Dordrecht. Want dat moet een hele mooie stad zijn met op de koop toe een interessant museum.

We vertrekken rond de klok van negenen , gewapend met twee eierkoeken en een flesje water. We zijn er zo’n drie kwartier later, parkeren onze auto in de parkeergarage Achterom en halen bij de VVV om de hoek het wandelboekje ‘Rondje Dordt, een 5 kilometer lange route door de historische binnenstad.

Daarna gaan we lopen en komen we al heel gauw ogen tekort…..want wat is er veel moois te zien in Dordrecht! Zoveel oude huizen, historische plekken, schilderachtige haventjes en mooie pleinen – het is eigenlijk teveel voor 1 dag!! En dan hebben we het Dordrechts Museum met zijn mooie schilderijen nog niet eens gezien, die bewaren we noodgedwongen voor een andere dag.

Hieronder een impressie met foto’s van onze wandeling. We deden zo’n twee uur over de route, inclusief een koffiestop.

Een oud hofje voor dames…..
….waarvan de regentenkamer…..eh….gesloten was 🙂
Een van de oudste huizen van Dordrecht, de ‘Beverenburcht’ uit 1556
Een zonnewijzer op de gevel van een woonhuis, voorzien van wijze raad……
De smalste straat van Dordrecht: de Zakkendragersstraat
‘Ingedeukte’ geveltjes aan de rand van de binnenstad
Een standbeeld van Willem van Oranje voor de middeleeuwse gevel van de woning waar hij logeerde tijdens bezoeken aan Dordrecht
De wolwevershaven met rechts een een oude stoomsleepboot
Hier geen rijwielen plaatsen…… 🙂
Achter de Grote Kerk

Oud en Nieuw

Heel veel herrie hier gisteren op oudjaarsdag – een lijdensweg voor onze honden. Ik ben de hele dag bij ze gebleven terwijl vrouwlief naar een verjaardag van een oude vriendin was.
Het was net alsof de oorlog in Oekraïne voor 1 dag ons land bezocht.
De volgende jaarwisseling, bij leven en welzijn, gaan we naar een vuurwerkvrij huisje op de Veluwe.

Een goed voornemen voor het nieuwe jaar: minder tv kijken. Want van al dat zappen wordt een mens bepaald niet beter. Je loopt het gevaar dat je de existentiële leegte van al die pratende hoofden op de buis overneemt. Want waar je mee omgaat wordt je mee besmet. En van al die drukdoenerige, ADHD-achtige typetjes en al die snelle camerashots raak je gauw overprikkeld. Het is een en al hedonisme, tijdelijk genot, weelde en overdaad. Brrr…….

Ik las psalm 39 vanochtend, een mooie psalm om het nieuwe jaar mee te beginnen. In de afbeelding hieronder is vers 1 uit dat lied gevisualiseerd

‘Heer, help me te herinneren hoe kort het leven is, dat mijn dagen op aarde geteld zijn…..’

Het klinkt misschien een beetje somber, maar is het uiteindelijk toch niet als je de hele psalm leest. Het zet alleen onze aardse drukdoenerij in het juiste perspectief….

Op de grote ‘stille’ heide

We liepen gisteren een wandelroute van ruim 4 kilometer door het Houtdorperveld achter Garderen, een groot heidegebied wat nog een beetje doet denken aan de grote stille heide van heel vroeger.

Maar ‘stil’ is het tegenwoordig bijna nergens meer, ook niet op de Veluwe. Want de weg van Garderen naar Ermelo was niet ver weg en het geluid van het verkeer op die weg draagt ver.

Zelfs in het Speulder- en Sprielderbos in de nabije omgeving, een gebied wat op internet in alle toonaarden bezongen wordt als een soort sprookjesbos met plenty wilde zwijnen en edelherten, hoor je op veel plekken die kenmerkende ‘dreun’ van een autoweg. Om nog maar te zwijgen over de geluiden van kettingzagen, want er wordt momenteel onderhoud gepleegd aan het bos 😦

Maar mooi is het Houtdorperveld wel en uitgestrekt ook. We liepen over een uitgesleten pad en dat liep niet altijd even makkelijk, maar je voelde wel een stukje geschiedenis onder het lopen. Want dit zou best eens een eeuwenoud karrenpad kunnen zijn, zo’n pad waarover de mensen vroeger reisden, toen er nog geen asfalt bestond. En geen auto’s….

Ik miste trouwens wel de spreekwoordelijke schaapskudde en ik miste ook vogels. Want de enige vogel die we onderweg tegenkwamen was een solitaire kraai in een solitaire boom. De rest van het gevogelte zit waarschijnlijk in het warme zuiden of is verhuisd naar loofbossen in de buurt waar in deze tijd van het jaar nog voedsel te halen is.

Mitrailleurtje

Op het vakantiepark op de Veluwe waar vrouwlief en ik momenteel vertoeven en in het omringende bos hoor je zeer regelmatig het ‘mitrailleurtje’ van de boomklever. Het is de ‘roep’ van deze vogel en niet de zang, want die hoor je alleen in de broedtijd. Het is een staccato geluid, heel karakteristiek en je kunt het beluisteren via onderstaande link (klik op ‘roep’).

https://www.vogelgeluid.nl/boomklever/?type1589

Boomklevers zijn standvogels, ze verblijven jaarrond in Nederland. Je vindt deze soort met name in oude loofbossen en in parken met oude bomen.

Tja, in Oekraïne horen de mensen èchte mitrailleurs, zelfs tijdens de kerst. Wat een nachtmerrie daar en wat een vrede en rust hier. En wat een welvaart hier, het kan gewoon niet op!

Meer informatie over deze mooie vogel via de site van Vogelbescherming:

https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/boomklever

Kerstvakantie (4)

** Bij de schaapskooi aan de rand van de Ermelose heide is het mooi wandelen maar ook mooi zingen. Want op zaterdagmiddag was er naast de schaapskooi ruimte gemaakt voor een podium met een zangkoor en met staruimte voor het publiek. Er werd glühwein en koffie geschonken, alle bekende kerstliederen kwamen langs, je mocht uit volle borst meezingen en de burgemeester van Ermelo las persoonlijk het Kerstevangelie. Mooi om mee te maken, eens wat anders dan een ‘gewone’ kerstdienst in een kerk.

De schapen konden trouwens meeluisteren vanuit de schaapskooi, want de deuren waren aan beiden kanten geopend:

** Het landgoed Staverden, ook bij Ermelo, heeft een eigen kapel uit 1875 die op zon- en feestdagen een PKN-wijkgemeente herbergt. Er was op de ochtend van eerste kerstdag twee keer dienst, wij kozen voor de dienst van half elf. De kapel zat helemaal vol, de banken waren hard, de rugleuningen slecht.

Er werd goed gezongen door de gemeente en goed gepreekt door een dominee-met-pensioen. Maar mijn rug protesteerde tegen de lengte van de dienst en mijn autistische brein vond het op een gegeven moment ook welletjes. Ik heb de woorden van de prediker mee terug genomen naar huis om het daar nog eens te overdenken.

(De kapel van Staverden voor de dienst)

** Het regende hier op eerste kerstdag een groot deel van de dag. Ik heb na de middagkoffie de stoute schoenen en een paar regenlaarzen aangetrokken en ben een stukje het Speulder- en Sprielderbos ingelopen. Veel mooie beukenbomen daar, sommige levend, andere dood en begroeid met paddenstoelen. De sfeer in zo’n donker beukenbos op een regenachtige dag als deze deed de aanwezigheid van wolven, zwijnen en ander wild spul vermoeden, maar helaas: ze lieten zich niet zien.

Kerstvakantie (3)

Ik heb iets geleerd vandaag over het leven vroeger en hoe de mens daarbij natuurlijke hulpmiddelen gebruikte. Want in de Middeleeuwen maakte men soms een waterput van een uitgeholde boomstam, ingegraven in de grond. De onderkant van de stam rustte op een ondoordringbare laag van bijvoorbeeld keileem dat geen water doorlaat. De bovenkant lag gelijk met het oppervlak van de bodem.

Door geultjes te graven leidde men regenwater naar de put. Mos op de bodem van de put werkte als een soort filter waardoor het water lange tijd goed bleef.

Een opgegraven exemplaar van zo’n put uit de dertiende eeuw zagen we vandaag in een museum in Putten. Het regende pijpenstelen en we konden ons vakantiehuis in Ermelo pas om vier uur in, dus we moesten iets verzinnen.

Afijn, weer iets geleerd. Over de inventiviteit van de mensen vroeger. Geen waterleiding, maar wel een put van eikenhout…op de foto hieronder staat ie in volle glorie.

Boomstamput uit de dertiende eeuw in Museum de Tien Malen in Putten.

Onderweg naar de Puttense dorpskern reden we trouwens over een door omgekeerde vlaggen omzoomde weg, terwijl een vrij scherpe geur via de ventilatieroosters de auto insloop, een geur die bevestigde dat intensieve veehouderij hier geen onbekend fenomeen is.

En verder natuurlijk bos hier, heel veel bos. Maar het is veel te nat vandaag om het te verkennen, hopelijk morgen beter….

Kerstvakantie (2)

We gaan morgen een weekje naar een huisje op de Veluwe en we nemen mee:

  • mobieltje plus oplader
  • laptop plus oplader
  • een tas met boeken (vooral non-fictie, romans lees ik nauwelijks), het dikke kerstnummer van Elsevier, de bijbel
  • autisme-medicatie, oordopjes om te kunnen slapen, hoesttabletten, vitamines, pijnstillers tegen de eventuele rugpijn
  • regenlaarzen voor in het bos
  • fotocamera voor een paar sfeerfoto’s in datzelfde bos – misschien zien we wel een wolf! 🙂 , of wilde zwijnen of iets vergelijkbaar spannends
  • mijn eigen vertrouwde bedkussen voor een hopelijk goede slaap
  • alles voor onze twee honden: brokken, kauwstaafjes, speeltjes, dekens om op te liggen en meer
  • hele warme kleding, want het is winter. Thermosokken, dikke trui, een lekkere warme ochtendjas, sjaal, handschoenen
  • mijn eigen vertrouwde fauteuil met verstelbare rugleuning en voetenbankje zou ik heel graag meenemen, maar past helaas niet in de auto 😦

Eten en drinken worden bezorgd in het huisje, wat een service!

Ons vakantiehuis tussen Ermelo en Garderen

Toen ik al de dingen die we meenemen opschreef hierboven, speelde All that you can’t leave behind, de titel van een album van U2, door mijn hoofd. Alles wat je niet achter kunt laten, alles wat je meesleept op je reis door de tijd, al die spullen die je niet kunt missen, zelfs niet voor een weekje vakantie! Al die ballast die je eigenlijk onvrij maakt, gebonden aan de aarde, maar waar je je toch aan vast klampt, waar je in feite een stukje veiligheid in zoekt.
In schril contrast daarmee staan de dingen die je heel graag zou willen missen maar die je niet kwijtraakt, wat je ook doet: de herinnering aan vroeger falen en tekortschieten, de pijn van vroeger, de littekens van een mensenleven.

Als toegift bij deze blogpost het onofficiële titelnummer van de hierboven genoemde plaat, Stuck in a moment, hieronder.

Kerstvakantie (1)

Wat een luxe: twee-en-een-halve week vakantie!

Eerst naar de kapper geweest vanochtend voor de traditionele kerstcoupe. Ik voel me altijd ongemakkelijk daar, heb het gevoel dat ik moet praten met de kapster die mij knipt. Wanneer we beiden zwijgen valt er een soort ongemakkelijke stilte naar mijn gevoelen. Het idee leeft dan bij mij dat ik op zo’n moment tekortschiet tegenover haar, dat ik me niet gedraag zoals het eigenlijk hoort. Dat ik saai ben of ongezellig.

En dat terwijl ik vanwege mijn autisme, introversie, mensenschuwheid en wat dies meer zij, waarschijnlijk ruimschoots verontschuldigd ben als ik weinig praat. Maar dat laatste zegt mijn verstand en mijn gevoel spreekt het tegen….

Thuisgekomen ben ik lekker de tuin ingedoken. Ik heb een paar weken geleden online wat vaste planten gekocht (want Intratuin had bijna alleen kerstspullen) en heb daarmee een klein bordertje opgezet, voor een bloemenfeestje in de zomer en daarna.

  • De dropplant geurt naar drop en anijs en trekt met zijn donkerblauwe bloemen vlinders en insecten aan.
  • De kogeldistel heeft mooie paarse bollen-op-steeltjes en is eveneens in trek bij vlinders.
  • De prachtkaars bloeit wit en zorgt daarmee voor een soort rustpunt tussen het donkerblauw en paars. Hij kan goed tegen zeewind en is daarmee een welkome gast in mijn tuin-dichtbij-het-strand.
  • De duizendknoop (Persicaria) is een makkelijke plant die ik nog ken van mijn vroegere baan op de kwekerij in Wassenaar. Hij bloeit maanden achter elkaar met helderrode bloemen en past goed bij dropplant en kogeldistel.
  • De rode zonnehoed (Echinacea) heeft roze bloemen met een bruinrood hart en past daarmee volgens mij bij het kleurenspectrum van de andere soorten.
  • Kruipend zenegroen tenslotte bloeit vroeg in de zomer en blijft laag – voor op de voorgrond.

Misschien koop ik nog een zak bloembollen voor tussen de planten en voor een kleurtje in het vroege voorjaar. En misschien nog een zonnewijzer of tuinbeeldje voor de kers op de taart….

Bloemen van de dropplant

Rijp op lampenpoetsersgras

Na een nacht matige vorst kleurde het lampenpoetsersgras in het plantsoen wit van de rijp.

Het was afgelopen week bijna te koud om te werken voor deze magere man, tenminste tot de middag.
Op sommige dagen had ik de auto mee om tijdens pauzes even op te kunnen warmen, de kruiwagen bleef dan thuis.

Het onkruid was deels bevroren, deels nog verwijderbaar, afhankelijk van de plek. Op een gegeven moment heb ik de schoffel thuis gelaten en ben ik gaan snoeien.

Ja en het was glad, maar ik ben ‘slechts’ 1 keer onderuit gegaan op een beijzeld trottoir. Plat op de grond, gelukkig geen kneuzingen.

Nog twee werkdagen en dan kerstvakantie….. 🙂

Grafkelder wordt grafheuvel – een stukje geschiedenis

Bij mijn werk in de plantsoenen van Monster passeerde ik onlangs de grafkelder van de familie Herckenrath, bekend uit het boek Fortuna’s kinderen van Annejet van der Zijl. De hoofdpersoon van dit non-fictie boek, Leon Herckenrath, liet de grafkelder in 1847 aanleggen als laatste rustplaats voor zijn familie.

Voor degenen die het boek niet kennen hieronder een klein stukje geschiedenis:

Leon Herckenrath 1800 – 1861, was 18 jaar toen hij naar de Amerikaanse staat South Carolina vertrok. Leon kreeg daar de gele koorts en hij werd daar toen verpleegd door ene Juliette Louise MacCormick de Magnan. Dat moet goed zijn afgelopen want in 1823 trouwde het stel. Zij was de dochter van een Creoolse moeder en een Schotse vader. Om te kunnen trouwen moest hij zijn bruid en zijn schoonmoeder vrijkopen uit een slavinnen bestaan. De zaken voor Leon gingen uitstekend, hij leidde toen twee bedrijven. Het stel kreeg daar zeven kinderen. Uit het oogpunt van raciale wetgeving kwam hij in 1835 met zijn gezin naar Nederland.

Leon was de initiatiefnemer die de grafkelder liet aanleggen in het toenmalige duingebied. Die grafkelder is tussen 1844 en 1847 gebouwd door de familie Herckenrath in Traditioneel-Ambachtelijk stijl. Deze grafkelder verwierf een Rijksmonumentale status. Er zijn totaal veertien kisten, met dertien leden van de familie Herckenrath in de kelder aanwezig. In de veertiende kist is de baker van de familie, mevrouw Zuiderwijk, bijgezet.
De locatie werd in 1837 door Leon Herckenrath aangekocht.

(Bron: https://www.rodi.nl/westland/nieuws/274996/de-westlander-en-zijn-monument-de-liefde-vanuit-villa-ouwendijck-voor-geerbron)

En nu ligt die grafkelder daar als een wat vreemd object in de nieuwbouwwijk Duingeest in Monster, aan de rand van een vijver.

Maar, zal iemand misschien zeggen, ik zie op de foto een trap die omhoog leidt naar de ingang van de kelder en dat strookt natuurlijk totaal niet met het gegeven dat een kelder altijd lager ligt dan zijn omgeving, dus hoe zit dat nu eigenlijk?

Wel, toen Leon Herckenrath de kelder in de negentiende eeuw liet uitgraven lag het middenin een duingebied. Naderhand heeft men deze duinen tot de bodem toe afgegraven voor zandwinning. En zo kwam de grafkelder steeds hoger in het landschap te liggen en werd het uiteindelijk een heuvel. Een omgekeerd landschap als het ware en een boeiend stukje geschiedenis.

De plek is 1 keer per jaar op Open Monumentendag toegankelijk voor publiek. Dan staat de toegangsdeur open en kunnen geïnteresseerden een kijkje nemen in de grafruimte waar 14 kisten staan.

De grafkelder/grafheuvel aan de achterkant

Een 8 voor mijn leven

Photo by Jeremy Bishop on Unsplash

Ik zat in mijn auto naar Radio 1 te luisteren – het was een werkdag, ik had de auto mee naar de plantsoenen, gereedschap achterin, het was theepauze, enfin – toen de presentatrice van het programma Stand.nl een vraag stelde aan de luisteraars:

Welk cijfer geeft ú uw leven?

Daar hoefde ik niet lang over na te denken: het cijfer 8. Dat wil zeggen: goed.

Gewoon ‘goed’, niet hyper-de-pieper goed, niet het-gaat-fantastisch-met-me-joh-konnie-beter, nee, gewoon goed, niet meer en niet minder.

Want ik heb:

  • een lieve vrouw
  • een warm huis
  • twee schatten van honden
  • altijd te eten
  • een mooi beroep dat past bij mijn vaardigheden
  • en nog veel meer.

En nee, deze wereld is niet perfect en ik ben niet perfect. Ik heb een versleten onderrug die me pijn bezorgd. En ik heb een autistische beperking die soms voor pijn en prikkels zorgt.
En ik ben sociaal onhandig en vermijd mede daarom het liefst zoveel mogelijk sociale activiteiten, zoals verjaardagen en koffie drinken na de kerkdienst. En dat voelt best wel eenzaam soms en is bovendien lastig voor mijn vrouw die juist heel sociaal is….

Maar toch….

Zoals de dichter Bloem zegt in het bekende ‘Domweg gelukkig in de Dapperstraat’:

Alles is veel voor wie niet veel verwacht.
….
Dit heb ik bij mijzelve overdacht.
….
Domweg gelukkig, in de Dapperstraat.

Iets om te onthouden – een beetje tegen de tijdgeest in misschien, want er wordt veel geklaagd dezer dagen. We zijn soms net een stelletje verwende kinderen die nooit tevreden zijn.

Kijk naar Oekraïne, kijk naar al die landen wereldwijd waar mensen ploeteren voor een boterham, kijk en besef hoe rijk en bevoorrecht we zijn in dit landje aan de Noordzee. Kijk en wees een klein beetje tevreden!

Ectomorfe man

Als ectomorfe man heb ik het moeilijk in de winter. Ik heb geen grammetje vet op de magere borstkas en heb het dientengevolge heel gauw koud. Zelfs warme winterkleding helpt daar weinig aan, zeker niet bij zo’n ijzige oostenwind als de laatste dagen, brrr…

Nee, dan heeft zelfs zo’n nietige roodborst als op de foto (vooraan op de stoep) het beter voor elkaar met een verenkleed dat perfect isoleert. Hij moet wel de hele dag blijven eten denk ik, om zijn kacheltje brandende te houden. En daartoe zit hij dan ook op die stoep, vlakbij een door mij zojuist geschoffeld en uitgeharkt plantsoen. Het diertje weet dat door mijn werk allerlei wormpjes en ander eetbaar spul aan de oppervlakte komen te liggen, zo voor het grijpen.

Maar toen ik met mijn mobiel iets dichterbij kwam voor een duidelijker foto, glipte hij toch weer onder die rode auto links. Zijn angst voor mensen won het op dat moment van zijn eetlust 🙂

Welk lichaamstype heeft u trouwens??

Mist

De mist bleef gisterochtend lang hangen hier in Ter Heijde en Monster.

Op mijn ronde langs de plantsoenen pauzeerde ik om half tien met thee en een boterham bij het bruggetje op de foto. De zon kwam voorzichtig op achter het huis aan de overkant, omfloerst door wolken.

Het is herfst en de meeste bomen zijn hun bladeren inmiddels kwijt. Alleen sommige iepen lijken geen afscheid te kunnen nemen van de zomer en houden hun blad koppig vast. Totdat een herfststorm korte metten maakt en de boomkruinen leeg blaast….

Sommige rozenstruiken dragen bottels en zorgen daarmee voor een beetje kleur op een mistige dag….

Kunst in de buitenruimte

Tijdens mijn werk in de buitenruimte van de woonkern Monster kwam ik onderstaand kunstwerk tegen. Het is een product van de Vrije Academie in Den Haag; de (voor)namen van de kunstenaars-in-opleiding die eraan meegewerkt hebben staan erop.

Het is grappig en een beetje experimenteel. Welke diepere betekenis erachter zit weet ik niet, misschien is het alleen maar spielerei, en toch is het leuk.

Alleen is het jammer dat het kunstwerk omgeven is door een anderhalve meter hoog hek, waarachter het een beetje verdwijnt. Het hek is ongetwijfeld met de beste bedoelingen geplaatst – om het te beschermen tegen vandalisme, hangjeugd, kinderen die het als klimrek beschouwen, poepende honden en wat dies meer zij – maar toch….

Helaas, je moet er echt met je neus bovenop staan om het goed te kunnen bekijken. Maar misschien was dat nu juist de bedoeling, bedenk ik nu ineens.
Hoe dan ook zou ik graag meer van dit soort toegankelijke kunst in de openbare ruimte zien in plaats van die nietszeggende abstracten die op sommige plekken de leefomgeving vervuilen.

31 millimeter

31 millimeter neerslag in de regenmeter rond zeven uur ’s avonds op donderdag. Dat is 31 liter hemelwater op één vierkante meter en da’s best veel!

Werktechnisch betekende het dat ik als onderhoudsman in het openbaar groen bijna een hele dag in de regen heb gewerkt. Weliswaar met een regenpak aan, maar het bleef toch een opgave. Mijn bril werd nat, mijn schoenen werden nat en uiteindelijk mijn sokken ook. En mijn werkhandschoenen werden nat en vies.

En de kruiwagens met onkruid die ik moest afvoeren wogen zwaar als lood met al dat aanhangende water en die modder. En je wordt klam en koud van al dat vocht.

Ik dronk in de pauze mijn bakkie in een bushalte om tenminste even droog te zitten. Even bijkomen met koffie uit de thermosfles en daarna weer de nattigheid in

Om kwart over drie was ik er helemaal klaar mee en hield ik het voor gezien. Gisteren had ik ‘slechts’ 17 millimeter in de regenmeter, een hele verbetering…. 😦